Moestuin

Ik reed onze oprit op, in mijn moeders auto. Ze had mij naar het tuincentrum gestuurd om voor haar een paar zakken tuinaarde te kopen, zodat zij de plantjes kon uitpoten die ze de dag ervoor gekocht had. Waarom zij ineens zo’n zin had in tuinieren, op zo’n zinderend hete middag in Mei, kon ik niet goed begrijpen. Maar mijn moeder leek echt van haar tuintje te genieten en ik was blij om deze boodschap voor haar te mogen doen. Ik tilde de zware zakken van de achterbank van haar auto en droeg ze naar de achtertuin. Links lag een strook grond, die mijn moeder al had omgespit, en waar ze van plan was om bonen te planten. “Waar wil je deze zakken hebben, Mams?” vroeg ik, en liet een zak op de grond zakken. “Ja, daar is wel goed. Bedankt, schat!” zei ze, zonder op te kijken. Mams lag geknield op de rand van het gazon, druk bezig met het omwoelen van de aarde en het verwijderen van graspollen en steentjes. Ze droeg een wijde blauwe tuinbroek. Haar haren waren opgebonden tot een paardenstaart en op haar hoofd droeg ze een rode honkbalpet. Naast haar stonden vijf grote bakken gevuld met plantjes van diverse soorten groenten. Ik ging naast mijn moeder staan en keek toe, hoe ze de bodem bewerkte. Haar tuinbroek spande zich om haar stevige achterwerk en ik bewonderde haar goed gevulde rondingen. “Zal ik je soms een handje helpen, moeder?” “Nee, maar ik wil wel graag een glaasje water, antwoordde mijn moeder. Ik liep naar binnen en schonk voor mijn moeder een glas water in. Ik keek naar haar door het keukenraam. Ze leek heel gelukkig met het ploeteren in haar tuintje, maar ik vroeg me eerlijk gezegd af, of ze nou eigenlijk echt wel gelukkig was. Iets meer dan een jaar geleden waren mijn ouders gescheiden en pas later realiseerde ik me hoe moeilijk het voor mijn moeder moet zijn geweest om alleen te komen te staan. Ze raakte in een depressie die bijna een jaar duurde. Niets of niemand was in staat om haar te troosten. Vorige herfst had op ik mij de universiteit ingeschreven en het ging intussen weer wat beter met haar. Mijn moeder werkte als blerares op een middelbare school en ze was tevreden met haar werk, of zo leek het tenminste. Ze vond het vooral prettig om twee maanden vakantie te hebben in de zomer, en ook twee weken met de kerst en dan nog de meivakantie. Toch vroeg ik me af of er niet iets ontbrak in haar leven. Hoewel het mij wel moeite zou kosten om het te accepteren, dacht ik dat het uiteindelijk toch beter zou zijn als mijn moeder een nieuwe relatie zou beginnen en misschien weer ging samenwonen. Maar ze had nog niet één afspraakje gehad sinds mijn vader was weggegaan.

Leave a Reply

Your email address will not be published.